Limburgse hazelaars verbeteren waterkwaliteit in Gelderland

Projectleider Ton Baltissen begeleidde de verhuizing van 130 notenbomen van Limburg naar Gelderland voor het DAW-project Bufferstroken 2.0. 46 bomen kwamen terecht bij projectleider en melkveehoudster Michaela van Leeuwen. "De notenteelt biedt nieuwe mogelijkheden en maakt het landschap mooier." Nieuwe Oogst ging langs.

Het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) wil de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater verbeteren. In het beheergebied van Waterschap Rijn en IJssel loopt daarvoor het project
‘Bufferstroken 2.0’, waarbij agrarische bedrijven op stroken land langs watergangen notenbomen en -struiken plaatsen.

Pilot notenbomen

Projectleider Ton Baltissen vertelt dat de animo voor zulke bufferstroken in eerste instantie beperkt was, omdat boeren aanhikten tegen het productieland dat ze daarvoor af zouden moeten staan. Uiteindelijk is in overleg met het waterschap een projectplan opgesteld, waarin de haalbaarheid in economisch en technisch opzicht is onderzocht. Omdat de uitkomsten hoopvol stemden, is een pilot gestart.

Direct al een buffer

Als voorzitter van de Nederlandse Notenvereniging hoorde Baltissen dat een ondernemer in Limburg 130 hazelaars kwijt wilde, omdat hij zijn boomgaard ging dunnen. Het ging om tien jaar oude bomen, die direct als buffer konden werken en noten zouden produceren. Op twee bijeenkomsten in december en januari bij melkveeproefbedrijf De Marke in het Gelderse Hengelo kwamen veel belangstellenden af.

Drie agrarische bedrijven hebben de bomen aangeplant in bufferstroken: melkveebedrijf Mts. Breukink in Brummen, akkerbouwbedrijf Mts. Aalderink in Eefde en het bedrijf van René Lubberdink in Barchem, die aan het overschakelen is van melkveebedrijf naar de combinatie van fokken van jongvee en de teelt van verschillende gewassen, waaronder noten.

Schijf van Vijf

‘Ik had een artikel gelezen over de teelt van hazel- en walnoten, waarin stond dat ze in de Schijf van Vijf passen en dat de bomen bijdragen aan biodiversiteit en CO2 vastleggen. Omdat mijn achttienjarige dochter al tien jaar vegetarisch eet, sprak het mij meteen aan.’ In de literatuur was niets te vinden over het verplaatsen van bomen van een dergelijke omvang, maar Baltissen durfde het op basis van zijn ervaring uit de boomkwekerij en na het raadplegen van deskundigen wel aan. Een belangrijk aspect daarbij was ook de bestuiving van de bomen, die niet door insecten gebeurt, maar door de wind.


‘Voor de bestuiving zijn verschillende rassen nodig waarvan de mannelijke en vrouwelijke bloei elkaar voldoende dekken’, legt de projectleider uit. ‘Maar niet alle rassen bevallen elkaar, dus daar moet je ook rekening mee houden. We hebben daarom uitsluitend rassen gecombineerd die elkaar wel ‘met vrucht’ kunnen bestuiven. Bestuivingstabellen helpen daarbij.’

Eind maart kon de verhuizing beginnen. ‘Eerlijk gezegd had ik het onderschat, want het ging om forse exemplaren met kluit, zodat we een paar keer heen en weer hebben moeten rijden’, kijkt Baltissen terug.
Om de kans op aanslaan verder te vergroten, zijn om de kluiten voor de stevigheid jute en draadkorven gedaan en zijn de aangelegde stroken voorzien van irrigatieslangen, omdat het na het verplanten van dergelijke grote bomen belangrijk is dat ze voldoende water kunnen opnemen.

Enthousiast

Lubberdink heeft tachtig notenbomen aangeplant op 0,5 hectare, allemaal uit Limburg. Een deel van deze bomen komt voort uit het project, maar de ondernemer was zo enthousiast dat hij aanvullend zelf bomen heeft besteld in Limburg en de logistiek heeft verzorgd. Een deel daarvan is bemest en voorzien van bodemverbeteraar, een ander deel niet, om te zien wat het effect is van het verpoten en de productie.

Tot nu toe zijn vrijwel alle bomen, die volop water vanuit de nabijgelegen sloten krijgen, goed aangeslagen. Van vrienden en kennissen heeft Lubberdink tot nu toe alleen maar positieve reacties ontvangen. ‘Het is wel een hele omschakeling, maar het ziet er mooi uit en ik word alleen maar enthousiaster.’


Dat geldt ook voor Michaela van Leeuwen, werkzaam bij Projecten LTO Noord en echtgenote van melkveehouder Breukink in Brummen. ‘We hebben 46 hazelaars aangeplant langs een watergang en kunnen met slangen desnoods 24 uur per dag druppelen.’ Ook hier komen de bomen deels uit het project en gaat het deels om een eigen investering.


Van Leeuwen vertelt dat ze de bomen niet hebben teruggesnoeid, omdat zij ze eerst wilden laten aarden op de nieuwe plek. Ook in Brummen is voor een deel bemesting en bodemverbeteraar toegevoegd. Tot nu toe is geen verschil te zien, maar mogelijk zullen de maatregelen effect hebben op de opbrengst in het najaar, hoewel de bestuiving al in het vroege voorjaar heeft plaatsgevonden op de locatie in Limburg.

Afzet

De bedrijven kijken nu naar mogelijkheden om gezamenlijk te oogsten en de afzet te verzorgen. In Van Leeuwens ogen sluit de notenteelt goed aan bij de kringloopgedachte van het ministerie van LNV en is het goed dat het areaal landbouwgrond blijft. ‘Vanuit LTO Noord hebben we bestuurlijk draagvlak. De notenteelt biedt nieuwe mogelijkheden en maakt het landschap mooier. We hopen dat meer boeren hierdoor geïnspireerd raken.’

Bron: artikel stond 8 juni in Nieuwe Oogst. Tekst gemaakt door Hanneke de Jong.

No Comments Yet.

Leave a comment